Maki’s.
Maki’s vallen onder de lemuren familie en er zijn wel 100 soorten te vinden in Madagaskar. Nergens anders ter wereld komen lemuren voor. Inmiddels hebben we al een paar soorten gezien zoals de silfaka, bruine maki, wezel maki, muis maki en de ringstaart maki. Ook verschillen de lemuren per regio. Nagenoeg alle lemuren worden met uitsterven bedreigd door ontbossing en stroperij, wat op zijn minst zeer triest te noemen is.
Naar Tsaranoro.
Met de moeheid nog in mijn benen (Gooijert heeft nergens last van) rijden we de volgende ochtend naar Tsaranoro, het is een kort ritje (ahum) van 5 uur. Al eerder zagen we gebieden waar goud en saffier gevonden en gewonnen wordt, nu rijden we door een gebied waar zilvermica gewonnen wordt. Overal glittert en glimt de grond en zie je hoopjes met het spul langs de weg liggen. Zilvermica wordt gebruikt in o.a. metallic verf en make up die glanst komt ook van mica.

Het laatste stuk naar Tsaranora is weer dirtroad waar weer van alles te zien is.

Ons kamp ligt tegen de voet van een berg aan die we morgen gaan beklimmen. Alleen bij de receptie zijn stopcontacten waar je je spullen kan opladen en alleen bij de bar is (zeer slechte) wifi. Het is overigens wel een leuk huisje en we zitten helemaal als laatste op het terrein. Voordeel is dat we na een uurtje al ringstaart maki’s zien in een boom achter ons, nadeel is dat we ver moeten lopen naar het restaurant, bar en receptie.


De waslijn is gespannen en hangt al direct vol met druipend gewassen kleding. Het droogt supersnel in de zon en wind. Het is weer zo’n 30 graden, maar in de avond koelt het behoorlijk af.


Klimmen en klauteren.
We ontbijten al om half 7 en ik geloof niet dat we alles hebben gekregen wat bij een ontbijt hoort, haha, het is nog vroeg hé moeten we maar denken.
Om 7 uur staat onze gids al klaar, we hebben 2 gidsen want de 2e is in opleiding. Vandaag beklimmen we een berg van 1500 meter hoog, maar we gelukkig zitten we al op 600 meter dus het valt mee. Alhoewel, het is vroeg maar toch al warm en het gaat soms best stijl omhoog, met genoeg pauzes tussendoor halen we de top.

Kameleon.
Dan moeten we nog een bergkam op tot het allerhoogste punt, deze bergkam wordt “de kameleon” genoemd vanwege de vorm. We zien de gelijkenis.
De laatste 5 meter durf ik niet verder vanwege de afgrond rondom (iets met hoogtevrees). Gooijert staat de shinen op het hoogste punt.
De afdaling is aan de andere kant van de berg en zo lopenn we een lus om de berg heen tot we weer bij ons basis kamp zijn. De gids spot (op mijn verzoek) een groene kameleon en een grotere bruine, supervet!

Later vindt Gooijert de groene nog terug en gaan we zelf op zoek naar deze bijzondere dieren. We vinden er ieder 1.
Bij de bar chillen we heerlijk languit op een loungebank, de rest van de middag vertoeven we daar met een drankje en een boekje. Geen pinda’s want die zijn op bij de bar.
Het avondeten slaan we weer over want ons lunchpakket was al veel te veel. De Melkweg fotograferen met ons huisjes erop lukt niet vanwege de bewolking, jammer.
Naar de maki’s.
Om half 9 de volgende ochtend vertrekken we eerst naar een natuurreservaat D’Anja. In dit reservaat woont een grote kolonie ringstaart maki’s en het reservaat wordt helemaal beheert door locals die zich vrijwillig inzetten.

We zijn er al om kwart over 10 en we hebben deze keer een vrouwelijke gids, die zie je niet veel. Ze verteld veel over het park en de maki’s en ook over kameleons. Er zijn weer veel baby maki’s te zien, zo onwijs schattig zijn ze. Wist je dat een ringstaart maki 14 witte en 14 zwarte ringen op zijn staart heeft? Het einde is altijd zwart. Tevens spotten we heel veel kameleons, weliswaar dezelfde soort maar in diverse groottes. Met een sprinkhaan op een stokje wordt een leguaan gevoerd zodat je zijn enorm lange tong in beweging kan zien. Het ziet er overigens niet heel smakelijk uit, hahaha.




Via grote granietrotsen klauteren en klimmen we naar boven voor een uitzichtpunt.
Als we naar beneden dalen zien we een grot met daarin gestapelde stenen, dit is een begraafplaats.

Al meerdere keren hebben we gehoord dat hier mensen begraven worden in rotsen of tombes en dat bij sommige stammen om de zoveel jaar de lichamen die gedroogd zijn naar buiten gehaald worden om feest mee te vieren. Dit lijkt verdomd veel op de dodencultuur van Toraja in Sulawesi. Niet heel gek want Madagaskar is een smeltkroes van verschillende culturen uit India, Afrika, Indonesië enz. Dus het is niet heel vreemd dat die tradities er nog steeds zijn.
We zeggen de ringstaart maki’s en kameleons gedag en na een kort ritje komen we aan in Ambalavo, net buiten het centrum zit ons hotel. Eerst slaan we wat water, cola en versgebakken vliespinda’s in. De rest van de middag vertoeven we bij ons kamer. De waslijn installeren we niet want dat mag hier niet…. jammer.

Bij het restaurant nemen we een kleine snack en zoeken onze foto’s uit. De nacht is rumoerig, we horen blaffende honden in de verte en onze naast buren zijn om 3 uur in de nacht druk aan het praten en douchen, heel irritant, het matras is ook nog eens keihard.
De volgende ochtend staat om 8 uur alweer een nieuwe gids op ons te wachten. Het eerste stuk gaan we met de tuktuk, echt hilarisch om in zo’n ding te zitten. We scheuren door de stad heen en al toeterend, fluitend en pratend loodst de chauffeur ons naar het startpunt van onze wandeling van vandaag.


Door de rijst en tabaksvelden.
In de volle zon wandelen we in een flink tempo langs tabaksvelden, we komen in een dorp aan waar een deel van de tabaksbladeren net zijn geoogst. De stelen worden afgesneden en met touw gemaakt van agave worden de bladeren bij elkaar gebonden. Eerst drogen ze liggend in de zon voor 3 dagen, daarna worden ze binnen opgehangen om verder te drogen. De zon neemt namelijk teveel kleur en aroma weg van de tabak.




In huis.
Bij een vrouw mogen we ook naar binnen om het huis te bekijken, beneden droogt de tabak op de 1e etage is de slaapruimte en woonkamer. Boven op zolder wordt gekookt en ook gegeten. Aangezien er op vuur wordt gekookt is de hele zolder zwart geblakerd, hahaha. Het is wel erg onwennig want wie bekijkt wie? De muren van de huizen zijn gestuct met klei en zeboe poep, je verzint het niet he? Maar door de klei en poep te mixen ontstaat een chemische reactie waardoor het een soort van beton wordt.






Rivier en rijstvelden.
Bij de rivier zijn weer rijstvelden te vinden, want waar water is is in Madagaskar een rijstveld te vinden. Aangezien we in het droge seizoen zitten zijn sommige rivieren nog maar kleine stroompjes terwijl vele geheel zijn drooggevallen. Zodra het regenseizoen begint worden het weer brede en woeste rivieren met enorm veel stroming.

Ook wij moeten door de rivier heen wandelen en overal zie je mensen zichzelf wassen, doen de was of de afwas. Bijna niemand heeft stromend water in huis.




Het laatste stuk is bloedheet in de zon, dan komen we bij een hotel aan waar we lunchen en daarna nemen we een plons in het zeer frisse zwembad. Nadat we een beetje opgedroogd zijn brengt onze driver ons weer terug naar ons verblijf.
Ontplofte doucheslang.
Als Gooijert onder de douche staat knalt er een scheur in de waterslang waardoor de douchekop het niet meer doet. Het is nu dus douchen onder een slang, gaat best prima al wordt het wel een heel waterballet in de badkamer, oeps.
Na het ontbijt rijden we eerst naar een zijde werkplaatsje en daarna door naar Fianarantsoa een heel grote stad.






Daarna rijden we een totaal andere omgeving in, het regenwoud van Madagaskar. Onderweg stoppen we bij een ravijn waar een waterval naar beneden dendert.
Met de laatste energie uit 1 van de drone accu’s vliegt Gooijert nog even snel boven het geweld. Dan komen we aan bij Chez Gaspard. Een onwijs leuk logement aan de rand van een dorp en het regenwoud.
Wildlife attack.
Nog niet eens ons hutje binnen gelopen wordt Gooijert besprongen door een gestreepte dag gekko, kronkelt er een slang voor zijn voeten en springt de gekko op mijn hand en weer terug naar Gooijert.



Boven ons hoofd hangt een gruwelijk grote spin en niet veel later zien we sunbirds in de boom.

Het wemelt hier overigens van de dag gekko’s.





Om 18 uur start onze avondtour, eerst staat er een kudde mensen te gluren in de struiken langs de weg, daar zit dus een muis maki. Snel knal ik het beestje op de foto zodat we de groep mensen kunnen verlaten en wij alleen met de gids op stap gaan.



Hij spot al vrij snel slapende kameleons en ook Gooijert spot er ook 1.

Niet lang daarna wordt de gids heel enthousiast en wij later ook want hij spot een bladstaartgekko. Super moeilijk om te spotten, dus wij zijn enorm blij dat hij er 1 vindt.

Daarna vind hij nog 2 miniatuur kameleons, dit zijn volwassen exemplaren maar onwijs klein (3 cm) en zo bijzonder om te zien, we staan helemaal te stuiteren. Mijn Alladin eyelite lampje is helemaal geweldig hierbij en ook de gids gebruikt deze gretig. Dan vinden we nog 2 parende motten en is het uur alweer voorbij, maar wauw wat zijn wij blij!


Maki’s en bugs.
Deze ochtend word ik wakker met rode bulten op mijn rug, kont en zij. Bedbugs? We hebben geen idee want Gooijert heeft nergens last van. Onze darmen werken de laatste dagen op volle toeren, die van mij zelfs al wat langer. Toch gaan we deze ochtend fris en fruitig naar het Ranomafana park. Op zoek naar de gouden bamboe maki.
We hebben weer dezelfde gids als gisteren en wederom stelt hij ons niet teleur. Maar liefst 3 bamboe maki’s zien we, de gouden bamboe maki, de grijze bamboe maki en de breedsnuithalfmaki. Die laatste is ernstig bedreigd.







Wederom vind de gids een miniatuur kameleon, weer een andere soort als de 2 van gisteren en een slapende bladstaartgekko.


Heel bizar hoe hij ze vindt, maar wij vinden het fantastisch. Ook zien we nog wat gekleurde insecten, mangoesten en als laatste nog 2 andere soorten maki’s.













Ondertussen heb ik vreemde sensaties in mijn darmen en ben ik blij als we bij ons hutje aankomen. Ook in de tuin bij ons hutje is wildlife te vinden, we zien kikkers, rupsen en wederom gekko’s.





Kikkerjacht.
In de avond gaan we nog even op kikkerjacht in de tuin voor onze hut. We vinden toffe kleine kikkertjes.


De rode vlekken en bultjes zijn in de middag verdwenen, maar helaas zijn ze de volgende ochtend in volle glorie weer terug. En dit keer erger en meer. Ik heb een opgezwollen gezicht en handen. Gelukkig geen koorts dus ik ga ervan uit dat het geen dengue is maar een allergische reactie is op wasmiddel, het impregneermiddel van de klamboe of toch bedbugs?


Met onze darmen gaat het gelukkig iets beter. De tuinman komt steeds met van alles en nog wat aanzeilen, zoals rupsen en kikkers. Alleen plukt hij het blad of komt met het diertje in zijn handen aan lopen. Dat is niet hoe wij wildlife willen zien of fotograferen. Deze ochtend roept hij petit kameleon! In een struikje voor onze bungalow zit een kleine kameleon net zijn ontbijt te verorberen. Supertof, dus ik haal mijn camera erbij. De tuinman gaat zich er weer mee bemoeien en wil het diertje laten poseren, maar juist dan loopt de kameleon weg. Uiteindelijk lukt het me om snel het diertje te fotograferen, het is een kortsnuit kameleon, nog niet eerder gezien en dit volwassen exemplaar is 10 cm lang.

Om 8 uur vertrekken we naar Antsiribe, ons verblijf is weer bij Madalief waar we onze reis zo’n beetje zijn begonnen. Maar tussendoor hebben we nog een stopje bij Ambositra, een plaats die bekend staat om zijn houtsnijwerk. Een man is daar ijverig aan het werk. De zaag waar hij mee werkt maakt hij zelf van het staaldraad uit een autoband en daar maakt hij kleine inkepingen in. Ik krijg een gefiguurzaagd mini baobabje kado. En we kopen in de winkel een houten kameleon.


Morgen reizen we door naar de hoofdstad Antananarivo, van daaruit vliegen we naar Nosy Be waar we onze laatste dagen van Madagaskar gaan slijten.
Tot het volgende en laatste Madagaskar blog, hopelijk zonder rode bulten en vlekken.
Kameleon.


Reageer